Wie weinig tijd heeft om naar filmpjes op internet te kijken kan slechter doen dan (nog eens) te kijken naar het gesprek dat Jan Roos had met de Vlaamse filoloog Wim van Rooy. Deze schrijver heeft iets wat al onze politici ontgaat: een analyse van de situatie waarin de Europese landen zich bevinden met betrekking tot het islamitische koekoeksei dat in de meeste landen zijn kans ligt af te wachten.
De karakterisering van de geloofsuitgangspunten van de moslimminderheid in België en elders als een soldatenreligie geeft aan dat islam eigenlijk geen religie is maar een politieke ideologie uitgevonden om een leger van fanatieke soldaten op te richten. Als cultuur streeft de islam om zich niet aan te passen maar zich "zuiver" te houden en niets van de omringende cultuur over te nemen en niets bij te dragen, maar in feite uiteindelijk die gastheer te verdringen en - zelf onveranderd - als overwinnaar uit de bus te komen. Volgens Van Rooy zijn we al voorbij het punt waarbij we met behoud van rechtsbescherming en tolerantie dit gevaar kunnen beheersen. Eigenlijk zouden de moskeeën gesloten, en - vul ik zelf aan - de uitoefening van de islam verboden moeten worden. Dit gaat in tegen bepaalde grondwetsartikelen, zodat er een situatie is ontstaan waar die wettelijke garanties het koekoeksjong beschermen en de gastheer juist verdoemen.
Dat de massa-immigratie gewoon doorgaat is de regerende elite te verwijten. De houding van die linkse elite hierin wordt enigszins begrijpelijk als je bedenkt dat de generatie van '68 zelf in de totalitaire mindset vast is blijven zitten. Zelf doet me dit denken aan de manier waarop de communistische dreiging in de dertiger jaren vorm aannam. Lenin en later Stalin stonden niet toe dat hun partij en de westerse zusterpartijen coalities aangingen met andere partijen. De ideologie moest zuiver blijven en die partijen streefden dan ook niet werkelijk naar democratische samenwerking met andere groepen, maar wilde desnoods met gewelddadige uitsluiting van alle anderen de dienst uit gaan maken en daarbij alle individuen en individueel te maken keuzes naar zich toe te trekken, dus eigenlijk de mens zelf aan zich te onderwerpen. Deze regerende elite kan in het koekoeksjong alleen maar een potentiële bondgenoot zien en miskent daardoor het dodelijke gevaar.
zondag 27 maart 2016
maandag 1 februari 2016
Massa-immigratie
In Europa worden we overspoeld door een tsunami van vluchtelingen. Al eerder werden we overspoeld door Marokkanen en Turken, maar hoeveel dat er waren dat werd decennialang door de media - dienstbaar als ze zijn aan hun bondgenoten de politici - onder de pet gehouden. Tot we een keer te horen kregen dat we een miljoen islamieten onder ons hebben. Dat worden er nu dus nog veel meer.
De autoriteiten laten dit - daar kan toch geen twijfel over zijn - volkomen opzettelijk gebeuren. De politiek is er namelijk niet voor ons maar voor zichzelf. Zij bestaat om de eigen positie ad infinitum te continueren.
Op welke manier is massa-immigratie van voordeel voor de elite? Nederlanders en blanke Europeanen in het algemeen produceren onvoldoende nageslacht om het spel van hoge belastingen en hoge uitkeringen tot diep in de eenentwintigste eeuw te kunnen voortzetten. Dus importeert men arbeidskrachten uit niet-westerse, lees islamitische landen onder geroep van ze integreren wel en zijn na een generatie gewone Nederlanders. Dat blijkt maar in zeer beperkte mate het geval te zijn. Het resultaat is de enorme clusterfuck die we dagelijks kunnen waarnemen.
Het hoge doel is blijkbaar het handhaven van welvaartsstaat en de bijbehorende rol van de staat als inkomensniveau garanderend instituut dat alle risico's des levens wegneemt en ons van de wieg tot het graf verzorgt. Niemand lijkt op het idee te komen dat dat helemaal geen nastrevenswaardig doel is maar een afschuwelijke mentale gevangenis, waarin mensen opzettelijk afhankelijk van de staat worden gemaakt. De gedwongen kolossale inkomensoverdracht die onder de leuze van "sociale rechtvaardigheid" plaatsvindt is in werkelijkheid een groot onrecht: geld gaat van uw loon dat u in de echte economie verdiend hebt naar een vreemde die het per definitie niet verdiend heeft. Het is diefstal, niets anders.
Bovendien verpest dit systeem alle verhoudingen in een democratisch bestel, en maakt ze onecht en vals. Het routineuze liegen door de media - denk aan de klimaathoax - is hiervan slechts een onderdeel. Staat en parlement houden in een situatie van vergevorderd economisch interventionisme op te werken zoals ontworpen door de negentiende-eeuwse liberalen.
De toestand kan alleen normaliseren als de interventionistische staat verdwijnt en vervangen wordt door een staat die zijn limieten kent en niet overschrijdt.
Hoe groot is de kans daarop? Vrijwel nihil, vrees ik.
De autoriteiten laten dit - daar kan toch geen twijfel over zijn - volkomen opzettelijk gebeuren. De politiek is er namelijk niet voor ons maar voor zichzelf. Zij bestaat om de eigen positie ad infinitum te continueren.
Op welke manier is massa-immigratie van voordeel voor de elite? Nederlanders en blanke Europeanen in het algemeen produceren onvoldoende nageslacht om het spel van hoge belastingen en hoge uitkeringen tot diep in de eenentwintigste eeuw te kunnen voortzetten. Dus importeert men arbeidskrachten uit niet-westerse, lees islamitische landen onder geroep van ze integreren wel en zijn na een generatie gewone Nederlanders. Dat blijkt maar in zeer beperkte mate het geval te zijn. Het resultaat is de enorme clusterfuck die we dagelijks kunnen waarnemen.
Het hoge doel is blijkbaar het handhaven van welvaartsstaat en de bijbehorende rol van de staat als inkomensniveau garanderend instituut dat alle risico's des levens wegneemt en ons van de wieg tot het graf verzorgt. Niemand lijkt op het idee te komen dat dat helemaal geen nastrevenswaardig doel is maar een afschuwelijke mentale gevangenis, waarin mensen opzettelijk afhankelijk van de staat worden gemaakt. De gedwongen kolossale inkomensoverdracht die onder de leuze van "sociale rechtvaardigheid" plaatsvindt is in werkelijkheid een groot onrecht: geld gaat van uw loon dat u in de echte economie verdiend hebt naar een vreemde die het per definitie niet verdiend heeft. Het is diefstal, niets anders.
Bovendien verpest dit systeem alle verhoudingen in een democratisch bestel, en maakt ze onecht en vals. Het routineuze liegen door de media - denk aan de klimaathoax - is hiervan slechts een onderdeel. Staat en parlement houden in een situatie van vergevorderd economisch interventionisme op te werken zoals ontworpen door de negentiende-eeuwse liberalen.
De toestand kan alleen normaliseren als de interventionistische staat verdwijnt en vervangen wordt door een staat die zijn limieten kent en niet overschrijdt.
Hoe groot is de kans daarop? Vrijwel nihil, vrees ik.
woensdag 13 januari 2016
Totale economische ineenstorting is begonnen
We zijn in de eerste weken van het nieuwe jaar 2016 en wat we zien is dat alles wat Peter Schiff over de Amerikaanse economie heeft gezegd as we speak bezig is waarheid te worden. Er is geen economisch herstel; wat we zien is een door de Fed gecreëerde bubble. Maar als gevolg van de het-gaat-beter retoriek hebben bedrijven en winkelketens hun voorraden aangevuld en mensen aangenomen in blijde verwachting van een robuuste verkoopstijging. Die komt er niet en nu de feestdagen voorbij zijn zien we de eerste massaontslagen verschijnen. De Fed kan nu niet verder omhoog met de rente maar zal waarschijnlijk uiteindelijk overgaan tot een nieuwe ronde QE. Dit zijn nog maar de eerste bewegingen van een ontwikkeling die uitmondt in de val van de dollar, goud naar $5000,-/oz en economische ellende van onvoorstelbare omvang.
In Nederland zul je wel weer gepraat horen van "aanvullende bezuinigingen" of zo, maar nu al kunnen we zeggen dat men het er daarmee niet zal redden. Een beetje kaasschaven hier en daar werkt niet meer op den duur. De staat geeft veel en veel te veel van ons geld uit en daarin zit 'm het probleem. De welvaartsstaat is alleen denkbaar in combinatie met een fiat-geldsysteem, dat wil zeggen een door de staat beheerste en overheerste valuta. Omdat de staatsuitgaven door de verschillende stelsels van uitkeringen tot astronomische hoogte stijgen, moet de geldhoeveelheid naar goeddunken van de politici kunnen worden uitgebreid. We leven in een tijd dat de rek er eindelijk helemaal uit is en de waarde van verscheidene munteenheden wereldwijd gaan uiteindelijk naar nul. Als de crisis toeslaat kom je er niet met een beetje bezuinigen. Dan zullen hele regelingen als de AOW en allerlei "volksverzekeringen" moeten worden afgeschaft.
In Nederland is het waarschijnlijk te laat om de komende ellende nog een beetje netjes op te kunnen vangen, bijv. met een overgangsregeling voor ouderen zonder goed pensioen en anderen van wie je niet kunt verwachten dat ze nog weer aan het werk gaan. De ellende is dan niet meer te overzien.
Intussen is er voor de politici als Rutte geen vuiltje aan de lucht. Ze begrijpen niets van economie. Ze begrijpen niet dat centrale banken niet in staat zijn ze uit de ellende te halen, maar er juist verantwoordelijk voor zijn.
In Nederland zul je wel weer gepraat horen van "aanvullende bezuinigingen" of zo, maar nu al kunnen we zeggen dat men het er daarmee niet zal redden. Een beetje kaasschaven hier en daar werkt niet meer op den duur. De staat geeft veel en veel te veel van ons geld uit en daarin zit 'm het probleem. De welvaartsstaat is alleen denkbaar in combinatie met een fiat-geldsysteem, dat wil zeggen een door de staat beheerste en overheerste valuta. Omdat de staatsuitgaven door de verschillende stelsels van uitkeringen tot astronomische hoogte stijgen, moet de geldhoeveelheid naar goeddunken van de politici kunnen worden uitgebreid. We leven in een tijd dat de rek er eindelijk helemaal uit is en de waarde van verscheidene munteenheden wereldwijd gaan uiteindelijk naar nul. Als de crisis toeslaat kom je er niet met een beetje bezuinigen. Dan zullen hele regelingen als de AOW en allerlei "volksverzekeringen" moeten worden afgeschaft.
In Nederland is het waarschijnlijk te laat om de komende ellende nog een beetje netjes op te kunnen vangen, bijv. met een overgangsregeling voor ouderen zonder goed pensioen en anderen van wie je niet kunt verwachten dat ze nog weer aan het werk gaan. De ellende is dan niet meer te overzien.
Intussen is er voor de politici als Rutte geen vuiltje aan de lucht. Ze begrijpen niets van economie. Ze begrijpen niet dat centrale banken niet in staat zijn ze uit de ellende te halen, maar er juist verantwoordelijk voor zijn.
zondag 3 januari 2016
Wie creëerde ISIS?
Een artikel in Zerohedge wijst weer met een beschuldigende vinger naar de VS. Misschien is het minder nuttig de vraag naar de creatie van ISIS te stellen dan te vragen, Wie heeft er baat bij het bestaan van ISIS?
De belangrijkste tegenstander van ISIS in het oorlogsgebied in Syrië is niet de regering van Al-Assad, maar de Koerden in Oost-Turkije en Noord-Irak. De Koerden hebben een groot aantal vijanden in de regio. Alle staten rondom vrezen een zelfstandige Koerdische staat: vooral Turkije en Iran. Voor Iran zijn ze een directe bedreiging voor het voortbestaan van het islamistisch regime, en Turkije voert al decennia lang een low-key oorlog tegen ze onder het mom van terrorismebestrijding. De laatste weken heeft Erdogan die oorlog flink opgevoerd.
Naar mijn mening is ISIS het resultaat van een achter-de-schermen deal tussen Iran, Turkije en de VS om de Koerden kort te houden.
Wat de VS bij dit bondgenootschap doet is me een raadsel, maar het zal het resultaat zijn van Obama's waanzinnige politiek om Teheran ter wille te zijn.
Een rationelere politiek voor de VS zou zijn om in bondgenootschap met de Koerden een regime change in Iran tot stand te brengen. Erdogan zou dan orders moeten krijgen om zijn vuile oorlog tegen de Koerden te stoppen.
Ik weet het: deze wens is onrealistisch zolang de bewoner van het Witte Huis het een goed idee vindt de eigen, Amerikaanse belangen schade te doen.
De belangrijkste tegenstander van ISIS in het oorlogsgebied in Syrië is niet de regering van Al-Assad, maar de Koerden in Oost-Turkije en Noord-Irak. De Koerden hebben een groot aantal vijanden in de regio. Alle staten rondom vrezen een zelfstandige Koerdische staat: vooral Turkije en Iran. Voor Iran zijn ze een directe bedreiging voor het voortbestaan van het islamistisch regime, en Turkije voert al decennia lang een low-key oorlog tegen ze onder het mom van terrorismebestrijding. De laatste weken heeft Erdogan die oorlog flink opgevoerd.
Naar mijn mening is ISIS het resultaat van een achter-de-schermen deal tussen Iran, Turkije en de VS om de Koerden kort te houden.
Wat de VS bij dit bondgenootschap doet is me een raadsel, maar het zal het resultaat zijn van Obama's waanzinnige politiek om Teheran ter wille te zijn.
Een rationelere politiek voor de VS zou zijn om in bondgenootschap met de Koerden een regime change in Iran tot stand te brengen. Erdogan zou dan orders moeten krijgen om zijn vuile oorlog tegen de Koerden te stoppen.
Ik weet het: deze wens is onrealistisch zolang de bewoner van het Witte Huis het een goed idee vindt de eigen, Amerikaanse belangen schade te doen.
zondag 26 juli 2015
"The Bell Curve" na twintig jaar
Charles Murray werd op AEI geïnterviewd omdat zijn samen met Richard Herrnstein geschreven inslaande boek "The Bell Curve" nu twintig jaar geleden verscheen. In het interview geeft hij aan dat de in het boek gedane voorspelling van een groeiende maatschappelijke tweedeling volledig is uitgekomen. De elite van mensen met een hoog IQ zou steeds meer samen gaan vallen met de groep met het meeste geld. Deze groep wordt er ook steeds beter in om rijk te blijven, d.w.z. hun voordelige positie te consolideren en niet meer uit handen te geven. Onderaan de sociale ladder zitten de mensen met een baan waarvoor geen hoge intelligentie vereist is, maar het is de tussenliggende groep van white-collar werknemers die het hardst getroffen is door de komst van computers en waarin steeds minder goed betalende banen te vinden zijn. Het resultaat is een maatschappij die verdeeld is tussen de succesvolle elite en de rest met een diepe kloof tussen beide.
Deze trends zijn inderdaad in de VS en Europa te constateren, maar qua aangevoerde oorzaken en oplossingen ziet deze blog Murray plotseling uit de bocht vliegen. Want wat stelt hij voor hieraan te doen?
Omdat hij denkt dat de oorzaak te vinden is in de technologische ontwikkelingen van de laatste decennia en omdat verschillen in intelligentie relatief onveranderlijk zijn meent hij dat er niet te ontkomen is aan een door de overheid gegarandeerd inkomen voor iedereen. Met een gefixeerde garantie kun je de nu nog tussen overheid en ontvangers geplaatste welvaartsbureaucratie wegdoen, meent hij. Mij lijkt dit een onjuiste redenering.
Om te beginnen garandeert de overheid nu al iedereen een inkomen. Of je nu werkt of niet, de Staat "zorgt" voor je. Maar dat is nu juist het probleem. De staat heeft zelf geen geld, maar haalt dat via de belastingheffing op bij de werkenden en de bedrijven. Het resultaat is dat die vrijgevige staat enorm hoge lasten aan de maatschappij oplegt. Een vrijgevige overheid is noodzakelijkerwijs hetzelfde als een roofzuchtige overheid. Maar meer nog dan die drukkende lasten is het grote nadeel van dit systeem dat alle economische initiatief en arbeidzaamheid - eigenschappen die in het recente verleden de voorwaarden waren voor een groeiende economie en een stijgende levenstandaard - bestraft en afgeroomd worden. Als initiatief en hard werken niet langer veel opleveren gaan mensen dus kiezen voor uitkeringen trekken en initiatiefloos rentenieren. Met als gevolg kapitaalconsumptie en een dalende levensstandaard. Dit is de ware oorzaak van de groeiende tweedeling die Murray ziet ontstaan.
Ook is het een illusie te denken dat een overheidsbureaucratie kan worden afgeschaft als je de uitkeringen fixeert en garandeert. Op een bepaalde manier is die massieve overheid het doel van de oefening. Ze garandeert immers de macht en de invloed van de politieke partijen, die met behulp van patronage over ons heersen precies als de koningen-bij-de-gratie-Gods van het ancien regime van weleer. Zo alleen kunnen ze de gevestigde belangen dienen van gearriveerde bedrijven en, ja, van die rijke elite die de elite wil blijven.
Een echte oplossing voor die tweedeling is het herstel van de winstgevendheid van economische bedrijvigheid en zelfstandigheid, en is niet te vinden in vergroting van de afhankelijkheid van de staat, maar juist in een zo klein en goedkoop mogelijke staat.
In China heeft vergroting van de economische vrijheid gemaakt dat een land met een reusachtige arme boerenbevolking in korte tijd een moderne staat met een relatief rijke middenklasse werd. In het Westen is die middenklasse langzamerhand verdwenen als gevolg van het steeds verder inperken en beknotten van die vrijheid.
De tekortkoming van Charles Murray is dat hij geen oog heeft voor dit aspect van de vergaande sociale gevolgen van een vrij of onvrij economisch systeem.
Deze trends zijn inderdaad in de VS en Europa te constateren, maar qua aangevoerde oorzaken en oplossingen ziet deze blog Murray plotseling uit de bocht vliegen. Want wat stelt hij voor hieraan te doen?
Omdat hij denkt dat de oorzaak te vinden is in de technologische ontwikkelingen van de laatste decennia en omdat verschillen in intelligentie relatief onveranderlijk zijn meent hij dat er niet te ontkomen is aan een door de overheid gegarandeerd inkomen voor iedereen. Met een gefixeerde garantie kun je de nu nog tussen overheid en ontvangers geplaatste welvaartsbureaucratie wegdoen, meent hij. Mij lijkt dit een onjuiste redenering.
Om te beginnen garandeert de overheid nu al iedereen een inkomen. Of je nu werkt of niet, de Staat "zorgt" voor je. Maar dat is nu juist het probleem. De staat heeft zelf geen geld, maar haalt dat via de belastingheffing op bij de werkenden en de bedrijven. Het resultaat is dat die vrijgevige staat enorm hoge lasten aan de maatschappij oplegt. Een vrijgevige overheid is noodzakelijkerwijs hetzelfde als een roofzuchtige overheid. Maar meer nog dan die drukkende lasten is het grote nadeel van dit systeem dat alle economische initiatief en arbeidzaamheid - eigenschappen die in het recente verleden de voorwaarden waren voor een groeiende economie en een stijgende levenstandaard - bestraft en afgeroomd worden. Als initiatief en hard werken niet langer veel opleveren gaan mensen dus kiezen voor uitkeringen trekken en initiatiefloos rentenieren. Met als gevolg kapitaalconsumptie en een dalende levensstandaard. Dit is de ware oorzaak van de groeiende tweedeling die Murray ziet ontstaan.
Ook is het een illusie te denken dat een overheidsbureaucratie kan worden afgeschaft als je de uitkeringen fixeert en garandeert. Op een bepaalde manier is die massieve overheid het doel van de oefening. Ze garandeert immers de macht en de invloed van de politieke partijen, die met behulp van patronage over ons heersen precies als de koningen-bij-de-gratie-Gods van het ancien regime van weleer. Zo alleen kunnen ze de gevestigde belangen dienen van gearriveerde bedrijven en, ja, van die rijke elite die de elite wil blijven.
Een echte oplossing voor die tweedeling is het herstel van de winstgevendheid van economische bedrijvigheid en zelfstandigheid, en is niet te vinden in vergroting van de afhankelijkheid van de staat, maar juist in een zo klein en goedkoop mogelijke staat.
In China heeft vergroting van de economische vrijheid gemaakt dat een land met een reusachtige arme boerenbevolking in korte tijd een moderne staat met een relatief rijke middenklasse werd. In het Westen is die middenklasse langzamerhand verdwenen als gevolg van het steeds verder inperken en beknotten van die vrijheid.
De tekortkoming van Charles Murray is dat hij geen oog heeft voor dit aspect van de vergaande sociale gevolgen van een vrij of onvrij economisch systeem.
donderdag 19 februari 2015
Democratie
De democratische regeringsvorm heeft twee pilaren zonder welke ze niet kan bestaan, of, als ze worden ondergraven is er geen sprake meer van democratie, schreef Ludwig von Mises in Bureaucracy (1944)*. De rechtsstaat en het budget.
De eerste is rule of law, oftewel de rechtsstaat. De vertegenwoordigers van de staat mogen zich niet met de privézaken of omstandigheden van de burgers bemoeien zonder dat de wet ze daartoe expliciet het recht geeft. Nulla poena sine lege. Geen bestraffing tenzij bevolen door een geldige wet. Alleen als dit gehandhaafd wordt, blijft het volk – de kiezers – soeverein en is de staat hun instrument. Wordt dit niet in acht genomen ontstaat judiciaire en politieke willekeur. Dan is de wil van de rechter of politicus wet, niet de wetten die door een formeel legislatief lichaam in dienst van het sociale systeem van samenwerkende individuen zijn aangenomen. Hoewel ook een democratisch geregeerde staat niet zonder bureaucratische regels kan, is een zogenaamde welvaartsstaat in feite precies zo'n despotie, omdat de regels niet in dienst staan van de burgers gezamenlijk, maar van de politieke elite. In onze staat is het een conglomeraat van politieke partijen dat denkt dat het – en niet de burgers – de belichaming van de soevereiniteit is en de wetten willekeurig naar eigen goeddunken en naar eigen voordeel opstelt.
Met een begroting of budget dwingt het parlement de politici niet meer uit te geven dan er binnenkomt. Geen cent mag zonder toestemming worden uitgegeven. Democratische controle is budgettaire controle.
Tot zover de theorie van democratisch bestuur. De werkelijkheid van vandaag is heel anders. De oorzaak is dat partijen regeren, niet het volk of hun vertegenwoordigers. Partijen beheersen het parlement, de regering en de bureaucratie. In onze tijd is het veel belangrijker dat iemand bij een “fatsoenlijke” politieke partij hoort dan dat hij of zij ofwel aan de kant van de regeerders ofwel die van het volk en zijn vertegenwoordigers staat. Regering en parlement zijn nu één zichzelf dienend blok. Het “volk” dient hierbij nergens meer toe. Dit verklaart ook waarom de debatten in de Tweede Kamer zo'n zinloze indruk maken: een poppenkast. De ware besluiten worden door partijen genomen. Ministers en parlementariërs staan in dienst van de heerschappij van de partijen.
Het onder invloed van het heersend economisch interventionisme steeds verder uitdijende werkingsgebied van de staat maakt dat steeds weer nieuwe groepen onderworpen worden aan deze partitocratie. Ambtenaren natuurlijk en journalisten, wetenschappers. Er mag niets gepubliceerd worden dat het recht van de staat om te interveniëren in de economie vermindert of om de onafhankelijk van het land weg te tekenen. Politiek en ambtenarij grijpen alle crises aan om ons verder in een dwangbuis van wetten en “regelgeving” in te snoeren.
Het logisch eindpunt van deze ontwikkeling is de totalitaire socialistische staat, waarin iedereen slaaf is van het systeem.
Ik zie dit niet anders worden tenzij iets als een revolutie dit quasi-democratisch systeem totaal wegvaagt. Wat er daarna komt kan niemand voorspellen.
---------------------------------------------------------------------
De eerste is rule of law, oftewel de rechtsstaat. De vertegenwoordigers van de staat mogen zich niet met de privézaken of omstandigheden van de burgers bemoeien zonder dat de wet ze daartoe expliciet het recht geeft. Nulla poena sine lege. Geen bestraffing tenzij bevolen door een geldige wet. Alleen als dit gehandhaafd wordt, blijft het volk – de kiezers – soeverein en is de staat hun instrument. Wordt dit niet in acht genomen ontstaat judiciaire en politieke willekeur. Dan is de wil van de rechter of politicus wet, niet de wetten die door een formeel legislatief lichaam in dienst van het sociale systeem van samenwerkende individuen zijn aangenomen. Hoewel ook een democratisch geregeerde staat niet zonder bureaucratische regels kan, is een zogenaamde welvaartsstaat in feite precies zo'n despotie, omdat de regels niet in dienst staan van de burgers gezamenlijk, maar van de politieke elite. In onze staat is het een conglomeraat van politieke partijen dat denkt dat het – en niet de burgers – de belichaming van de soevereiniteit is en de wetten willekeurig naar eigen goeddunken en naar eigen voordeel opstelt.
Met een begroting of budget dwingt het parlement de politici niet meer uit te geven dan er binnenkomt. Geen cent mag zonder toestemming worden uitgegeven. Democratische controle is budgettaire controle.
Tot zover de theorie van democratisch bestuur. De werkelijkheid van vandaag is heel anders. De oorzaak is dat partijen regeren, niet het volk of hun vertegenwoordigers. Partijen beheersen het parlement, de regering en de bureaucratie. In onze tijd is het veel belangrijker dat iemand bij een “fatsoenlijke” politieke partij hoort dan dat hij of zij ofwel aan de kant van de regeerders ofwel die van het volk en zijn vertegenwoordigers staat. Regering en parlement zijn nu één zichzelf dienend blok. Het “volk” dient hierbij nergens meer toe. Dit verklaart ook waarom de debatten in de Tweede Kamer zo'n zinloze indruk maken: een poppenkast. De ware besluiten worden door partijen genomen. Ministers en parlementariërs staan in dienst van de heerschappij van de partijen.
Het onder invloed van het heersend economisch interventionisme steeds verder uitdijende werkingsgebied van de staat maakt dat steeds weer nieuwe groepen onderworpen worden aan deze partitocratie. Ambtenaren natuurlijk en journalisten, wetenschappers. Er mag niets gepubliceerd worden dat het recht van de staat om te interveniëren in de economie vermindert of om de onafhankelijk van het land weg te tekenen. Politiek en ambtenarij grijpen alle crises aan om ons verder in een dwangbuis van wetten en “regelgeving” in te snoeren.
Het logisch eindpunt van deze ontwikkeling is de totalitaire socialistische staat, waarin iedereen slaaf is van het systeem.
Ik zie dit niet anders worden tenzij iets als een revolutie dit quasi-democratisch systeem totaal wegvaagt. Wat er daarna komt kan niemand voorspellen.
---------------------------------------------------------------------
*)
Ludwig von Mises, Bureaucracy,
Yale University Press, 1944, 1962,1983. Libertarian Press Inc., 1983
edition. p.46.
N.B. Dit boek is zoals alle publicaties van Mises en die van een
groot aantal andere liberale schrijvers gratis te downloaden van
sites als www.mises.org.
zaterdag 24 januari 2015
De bronnen van de waarheid zijn vergiftigd (2)
Het
stukje van afgelopen zondag 18 januari verdient nog een aanvulling,
want de observatie dat socialistische bewegingen en partijen
consequent door media en historici uit de wind worden gehouden opdat
niemand het verband kan leggen tussen de economische en politieke
ingrepen
van de
verschillende socialistische of sociaal-democratische partijen en de
desastreuze gevolgen die die maatregelen hebben voor ons in de
maatschappij
blijft niet beperkt tot de twintigste eeuw. Al in de negentiende
eeuw, vooral in het Duitse Keizerrijk waren journalisten (Karl Marx
en Friedrich Engels) en historici (Eckart Kehr), maar ook economen
(Gustav Schmoller, Adolf Wagner) actief met de propaganda voor een
marxistische zienswijze op economische verhoudingen, vooral
natuurlijk met betrekking tot arbeidsrelaties maar zelfs van de
geschiedschrijving. Zij dienden vooral belangen van de SPD, later ook
van de KPD, de communistische partij van Duitsland. De geschiedenis
en de keuzes van deze partijen hebben hun invloed op socialistische
en andere bewegingen elders in Europa, inclusief Nederland niet
gemist. Hierdoor zijn foute
ideeën in
het geschiedbeeld en in de economische theorie terecht gekomen die
onweersproken in de hoofden terecht zijn gekomen en daar nu nog
rondspoken.
Maar
het is belangrijk te begrijpen dat economen, historici en
journalisten vooral het economisch interventionisme door de staat
verdedigden: het recht van de staat om in te grijpen in de
contractuele relaties tussen individuen onderling en tussen
individuen en bedrijven én dat deze wens niet alleen bij politiek
links, maar in Duitsland juist ook onder de conservatieven leefde.
Schmoller en Wagner bijvoorbeeld, waren geen marxisten, maar
monarchisten die een zo machtig mogelijk keizerschap wensten.
Duitsland moest de machtigste staat in de wereld worden en de
economie (en dus de economische theorie) moest dienstbaar zijn aan
keizer en staat. Niet hoe een economie werkelijk werkte was het
belangrijkste, maar met welke stellingen de economie het meest
dienstbaar kon worden gemaakt aan de machtsstaat. Daarbij kwamen ze
ongewild uit bij dezelfde oplossing als revolutionair links. Het is
niet overdreven te stellen dat de ramp van de Eerste Wereldoorlog het
uiteindelijke gevolg was van de keuze van deze Duitse academici voor
de macht van het collectief in plaats van voor de vrijheid van het
individu.
Een
correctere theorie over hoe een economie werkt werd in dezelfde
periode bedacht door Carl Menger in Wenen. Dit werd de Oostenrijkse
economische theorie beter bekend als laissez-faire.
Deze werd vooral door zijn leerling en opvolger Böhm-Bawerk en
later, in de twintigste eeuw, door Böhm’s
leerling Ludwig von
Mises uiteindelijk zonder succes verdedigd tegen de aanvallen van
links en van rechts, marxisten en conservatieven, later ook tegen de
nationaal-socialisten. Zonder succes moeten we helaas zeggen, want
waar de eerste helft van de twintigste eeuw werd overheerst door
marxisme-leninisme en nationaal-socialisme
werd in de naoorlogse periode de economische theorie beheerst door de
verzinsels van J.M. Keynes en het rampzalige voorbeeld van de New
Deal. De conclusies van de
Oostenrijkse School –
dat als men een hogere (en
stijgende)
levensstandaard voor iedereen
wenst de overheid zich zo weinig mogelijk met de hoogte
van lonen en prijzen en
rente, of
de waarde van het geld moest bemoeien –
werden
vergeten.
De
Kehr-these:
Als
we het willen hebben over de valse ideeën
die als gevolg van het afwijzen van de vrijheiddsgezinde filosofie en
het omarmen van collectivistische dwaalleren in ons bewustzijn zijn
geplant en daar alleen met de grootste moeite weer uit te verwijderen
zijn, denk ik (naast
de valse geschiedenis van de Great Depression waarin Roosevelt ten
onrechte de heldenrol
krijgt)
aan de sociale
geschiedenis die door historicus Eckart Kehr in
de jaren '20 in de wereld
werd gebracht en
vervolgens door geschiedenisprofessor
H.-U. Wehler is
gepopulariseerd. Zijn
verhaal was dat de burgerlijke middenklasse tijdens de liberale
revolutie van 1848 in Duitsland de arbeidersklasse verraden had en
zich met de aristocratische Pruisische Junkers
verbonden had omdat
ze bang waren dat de arbeiders verder zouden gaan en een
proletarische revolutie volgens marxistisch model zouden ontketenen.
Uit
angst voor de arbeidersklasse zochten ze steun bij het gezag. Dat
later tijdens het Keizerrijk de roep om een oorlogsvloot te bouwen en
dus het afglijden naar algemene Europese oorlog vooral uit de
burgerij voortkwam was indicatief voor dit verraad, want het bewees
dat de burgerij de oorlogszuchtige normen en waarden van de Junkers
hadden overgenomen.
Deze
voorstelling van zaken lijkt een goede verklaring te geven voor de
ondergang van het liberale politieke program in Duitsland,
en ook voor het ontstaan van de ideeën
van Duitse superioriteit die uit zouden lopen op de Eerste
Wereldoorlog, maar vooral schetst zij de arbeiders – en hun
politieke vertegenwoordigers, de SPD – in
de rol van schuldeloze
slachtoffers
van
de keuzes van
een rechtse burgerlijke middenklasse. “Het
verraad van de burgerij aan de arbeiders” is lange tijd een
populair verklaringsmodel voor het uitbreken de Eerste Wereldoorlog
geweest. Het beeld
is er een van de onafwendbaar komende proletarische revolutie die
niettemin door de laaghartigheid van de burgerij wordt verhinderd,
omdat die bereid is de prijs in de vorm van een wereldoorlog te
betalen.
Mises’
correctie daarop in Omnipotent Government:
Niet
zo lang geleden las ik dit in 1944 uitgekomen boek en realiseerde me
dat de schrijver in feite over hetzelfde schreef maar dat hij een
hele andere, en betere verklaring gaf voor het
verschijnsel van het
Duitse militarisme.
In
de periode tussen 1848 en 1914 werden de arbeiders die
volgens
Mises in
1848 nog een dreigend revolutionair potentieel vormden stukje
bij beetje opgenomen in het rigide Pruisisch-Duitse standenstelsel en
kregen daar hun eigen plaats. Terwijl de Pruisische legers bij de
onderdrukking van het liberale Professorenparlement in 1848 nog met
de grootste voorzichtigheid werden ingezet omdat koning
en
Junker-legerleiding
niet zeker waren
hoe de soldaten – het leger bestond immers voornamelijk uit mannen
uit de arbeidersklasse – zouden reageren op een bevel om een
parlement bijeen om Duitsland onder liberale vlag te verenigen uiteen
te jagen,
hadden
ze die twijfels in
1914 helemaal
niet meer: toen
deden
de
soldaten opgewekt wat ze bevolen was. De reden was dat de
sociaal-democratie zich een behaaglijke plek in het sociale bestel
van het Keizerrijk had verworven en in ruil zijn revolutionaire
tanden vrijwillig had laten trekken. Het
vooruitzicht van de “met de onontkoombaarheid van een natuurwet”
komende proletarische revolutie liet men over aan een zeer klein
aantal puristen
onder de marxistische
intellectuelen. De arbeiders waren tevreden in hun verenigingen en
met hun door de interventionistische
overheid in samenspraak met de vakbonden
gegarandeerde lonen. Revolutie
was wel het laatste wat ze wilden.
De
arbeiders en de SPD zijn dus niet verraden, maar de ze hebben
zichzelf verkocht aan de Duitse staat in ruil voor hoge lonen en een
eigen plaats in het kastestelsel.
Het
is niet overbodig deze geschiedenis voor ogen te nemen als het bij
ons weer eens gaat over de “geschiedenis van de arbeidersbeweging”
of over die van sociale wetgeving. Die geschiedenis is geschreven
door mensen die er belang bij hebben de ware verhoudingen toe te
dekken. Een
geschiedenis die zogenaamd bestaat uit “strijd om rechten en
verworvenheden”, blijkt bij nader inzicht te bestaan uit een
koehandel met de autoriteit.
Abonneren op:
Posts (Atom)