donderdag 23 februari 2012

Goudprijs breekt uit

Goud, maar ook olie lijken uit te breken. Naar boven wel te verstaan. Goud kost € 25 meer dan vorige week en kost ongeveer €1.340,-- of $1.775,-- ($20 meer dan gisteren). Olie kost nu ongeveer $106 per vat. Nu zijn dat soort sprongen niet uitzonderlijk. Ze zakken ook wel eens met dat soort bedragen. Maar kijk naar de lange termijn trend. Dan stijgt de prijs alleen maar.
(Zie ook de vorige twee postings, waarin immers uit de doeken wordt gedaan dat olie in termen van goud niet duurder wordt.)

Het is geen toeval dat de olieprijs dezelfde dynamiek heeft. Beide prijzen weerspiegelen geen afnemende olie- of goudvoorraad of iets dergelijks, maar de zwakte van 's werelds papieren valuta's. Die worden naar behoefte bijgedukt door de centrale bank, de partner-in-crime in monetaire zaken van de overheid . De dollar is er het slechtst aan toe, maar alle regeringen ter wereld vrezen de val van de dollar, want iedereen heeft dollars in de kluis als reserve. De dollar is de reserve valuta van de wereld. Daarom blijven investeerders de nationale schuld van de Verenigde Staten opkopen. Pas als ze door krijgen dat ze waardeloos papier kopen houdt die waanzin op.

vrijdag 20 januari 2012

Meer olie en goud

De cijfers uit de vorige post geven het volgende aan.
In grijs is de olieprijs in dollars per vat aangegeven van 1968 tot heden. In rood is diezelfde olieprijs getekend maar nu omgerekend in grammen goud per vat. Wat we zien is dat er geen correlatie lijkt te zijn tussen de twee waarden. Toen de olieprijs tijdens de oliecrisis van de 1970er jaren vertienvoudigde in dollartermen bleef de olie-in-goudtermen fluctueren tussen 1 en 3 gram goud per vat. Hetzelfde geldt voor de meest recente prijsstijging, waarbij de olieprijs in dollars niet alleen de records van de 70er jaren brak, maar nog veel verder steeg tot boven de $100 per vat, een prijs die de laatste dagen opnieuw is overschreden. De conclusie die ik hieruit trek is dat olie sinds 1968 niet duurder is geworden maar steeds dezelfde prijs van rond de twee gram goud heeft gehad, en dat de sterke prijsschommelingen die we zien in feite veroorzaakt worden door debasement, ondermijning van de dollar, die in de twintigste eeuw een hoge vlucht heeft genomen. De dollar heeft nu nog maar 4% van de koopkracht die de dollar in 1913 nog had.

Dit wordt nog duidelijker als je ziet dat olie en goud, beide in dollars gemeten, wel min of meer dezelfde stijgingen en dalingen vertonen.
We moeten de scherpe stijgingen toeschrijven aan inflatie en niet aan onrust in het Midden-Oosten. We schrijven de exploderende goudprijs toch ook niet toe aan polieke onrust in de goudmijngebieden, wel?
Het is zaak de dollar (en trouwens ook de euro) in de gaten te houden. De politici aan beide zijden van de oceaan doen waar ze zin in hebben en ze hebben zin in het veroorzaken van inflatie. Zo betalen ze de rekening van hun onverantwoordelijke en verkwistende uitgavenpatroon. Dat ze de staatsuitgaven (flink)zouden moeten beperken is iets dat ze geen moment wensen te overwegen. Maar dat de valuta - waarmee de economie en dus het levensonderhoud van miljarden mensen over de hele aardbol is gemoeid - in dodelijk gevaar wordt gebracht, daarvoor draaien ze hun hand niet om.
Het is belangrijk dat we tot het inzicht komen wie verantwoordelijk is voor hoge prijzen aan de pomp en elders. Dat zijn niet de oliemaatschappijen of andere producenten, maar de politici die er bovendien telkens weer in slagen de schuld naar de banken, de olieconcerns of andere zondebokken (het kapitalisme!) weten te schuiven.

maandag 16 januari 2012

Olie

Gisteren een journaalitem over de hoge benzineprijzen: € 1,75 per liter.
Maar ik herinner me dat Peter Schiff in een een in december gehouden lezing (vanaf 00:22:05) zei dat de stijging van de olieprijs van begin 70er jaren het gevolg was van een dollar crisis en niet van de chantage van de OPEC.
De Amerikaanse overheid had teveel dollar biljetten uitgegeven, veel meer dan ze aan goud in de kluis hadden. Volgens het Breton-Woods systeem was de dollar als enige valuta aan goud gekoppeld, en hielden alle andere landen dollars als reserve en niet langer goud. De Amerikanen maakten ogenblikkelijk misbruik van hun positie en drukten veel meer dollarbiljetten dan verstandig was, dit ondanks het feit dat de VS in 1945 meer dan 90% van al het goud in de wereld in handen hadden. Dus toen De Gaulle en Brandt in 1971 goud wilden hebben voor hun dollars (de dollars die Europa gekregen had in ruil voor hun export naar de VS), konden de Amerikanen niet betalen. Nixon kon niet anders dan ze meedelen dat ze geen goud zouden krijgen in ruil voor hun dollars. Sindsdien hebben we 100% fiduciair geld: papier gebaseerd op niets. De dollar werd flink gedevalueerd, vandaar de prijsstijging in olie van $3 naar $30 per vat.
Ook duikelde de dollar naar beneden ten opzichte van allerlei andere valuta's: De Duitse mark ging van DM 4,00 voor 1 dollar naar DM 1,50; de Zwitserse frank ging van $0,23 naar $0,75; de Japanse yen: van 360 per dollar naar iets van 150. En goud ging van $35 naar $800.
Ook heeft Peter dat verhaal dat een gallon benzine in 1957 maar $0,25 kostte, maar dat je nu nog steeds eenzelfde hoeveelheid benzine kon kopen met de tegenwaarde van het zilver dat in zo´n kwartje van voor 1960 zat. Dus de benzineprijs was helemaal niet omhoog gegaan als je het mat in gewicht in edelmetaal en niet in dollars. Dus ik vroeg me af hoe de olieprijsontwikkeling was, gemeten in grammen goud in plaats van in dollars, de valuta waarin olie altijd wordt gemeten. Hier het resultaat van mijn onderzoekje.

Jaar
   
Goud
(in $)
Olie
($ per vat)
Olie (ounce
goud per vat)
Olie (gram goud per vat)
1968 42 3,18 0,07571 2,35
1969 35 3,32 0,09486 2,95
1970 37 3,39 0,09162 2,85
1971 44 3,60 0,08182 2,54
1972 65 3,60 0,05538 1,72
1973 112 4,75 0,04241 1,32
1974 187 9,35 0,05000 1,56
1975 140 12,21 0,08721 2,71
1976 135 13,10 0,09704 3,02
1977 165 14,40 0,08727 2,71
1978 226 14,95 0,06615 2,06
1979 524 25,10 0,04790 1,49
1980 590 37,42 0,06342 1,97
1981 400 35,75 0,08938 2,78
1982 448 31,83 0,07105 2,21
1983 382 29,08 0,07613 2,37
1984 308 28,75 0,09334 2,90
1985 327 26,92 0,08232 2,56
1986 391 14,44 0,03693 1,15
1987 487 17,75 0,03645 1,13
1988 410 14,87 0,03627 1,13
1989 401 18,33 0,04571 1,42
1990 391 23,19 0,05931 1,84
1991 353 20,20 0,05722 1,78
1992 333 19,25 0,05781 1,80
1993 391 16,75 0,04284 1,33
1994 383 15,66 0,04089 1,27
1995 387 16,75 0,04328 1,35
1996 370 20,46 0,05530 1,72
1997 289 18,64 0,06450 2,01
1998 287 11,91 0,04150 1,29
1999 290 16,56 0,05710 1,78
2000 273 27,39 0,10033 3,12
2001 277 23,00 0,08303 2,58
2002 213 22,81 0,10709 3,33
2003 417 27,69 0,06640 2,07
2004 438 37,66 0,08598 2,67
2005 513 50,04 0,09754 3,03
2006 636 58,30 0,09167 2,85
2007 837 64,20 0,07670 2,39
2008 865 91,48 0,10576 3,29
2009 1104 53,48 0,04844 1,51
2010 1410 71,21 0,05050 1,57
2011 1575 86,84 0,05514 1,71

Bron goudprijzen London Bullion Market Association
Bron olieprijzen   InflationData

De olieprijzen zijn sinds 1968 aan sterke fluctuaties onderhevig, wanneer we ze in dollars meten. Maar ze blijken braaf tussen 1 en 3 gram goud per vat te liggen, en van dramatische stijgingen is dan niets meer te zien.


Conclusie: De hoge benzineprijs is voor het grootste deel te verklaren uit de waardevermindering van de dollar.







woensdag 28 december 2011

Dick op Twitter

Ik tweet, dus ik besta. Links in de marge zit vanaf vandaag een Volg-mij-op-Twitter-knop.

Toen Obama nog aan zijn karwei moest beginnen

Wie op deze blog naar beneden scrollt kan nog berichten uit 2008 vinden. Geeft aan hoe lang ik niet geschreven heb. Aan de andere kant is het plezierig dat je van een bericht van drie jaar geleden  waarin ik vooruitkijk naar een Obama Presidentschap (deze) vrijwel niets hoef terug nemen. Ik zou hoogstens het accent iets verleggen: Niet alleen Obama, maar zijn hele partij en iedereen die daar deel van uit maakt is uiterst links en socialistisch. En ook...Nu ik me op de hoogte gesteld heb van de libertaire economische waarheden, zou ik hier meer nadruk op gelegd hebben. B.v. dat een interventionistische overheid een  overheid is die steeds meer in de verleiding komt alle prijzen, en dus alle keuzes van de burgers te gaan beheersen. Die dus dreigt totalitair te worden.

donderdag 15 december 2011

Inflatiekoorts

Afgelopen zaterdag schreef ik:
Alle "stimulering" van takken van bedrijvigheid wordt in het buitenland gevoeld als een soort strafmaatregel die niet zelden soortgelijke maatregelen van de kant van de getroffen landen uitlokken.
We hebben een eersteklas voorbeeld hiervan in het beleid van de Federal Reserve om zoveel mogelijk inflatie te veroorzaken. De Fed volgt dit beleid omdat in afwezigheid ervan de VS al lang de interest en aflossing op de kolossale nationale schuld niet meer zou kunnen voldoen. Maar de ondermijning van de dollar heeft als direct gevolg dat nu overal ter wereld landen de waarde van hun eigen munt gaan willen drukken door eigen versies van "quantitative easing" (lees: geld bijdrukken). Vooral om de eigen export te steunen. Een wereldwijde race to the bottom met  torenhoge goud- en goederenprijzen is het gevolg.
Dezer dagen lijkt het er of aan dit scenario een voorlopig eind is gekomen, gezien dat de  goudprijs  in twee dagen met $100 is gedaald. Maar dit is de schijn van de korte termijn. De problemen rond de euro/schuldencrisis in Europa doet investeerders vaak richting de vertrouwde dollar vluchten, waarbij ze uit het oog verliezen dat die er slechter aan toe is dan de euro.
Op het moment dat niemand de VS meer geld wil lenen omdat men tot de conclusie komt dat de VS niet langer in staat of bereid is de schuld af te betalen valt de dollar als een baksteen.

zaterdag 10 december 2011

Nieuw EU verdrag


Peter Schiff had het in zijn radioshow van vrijdag 8 december over het nieuwe voorgenomen EU verdrag.
Men wil, zei hij, meer uniformiteit in arbeidswetgeving, bedrijfsbelastingen en wetgeving rond financiële transacties. Wat betreft het tweede item meende hij dat het een slechte zaak was, omdat dan belastingcompetitie tussen de staten verdwijnt en er - maak ik er van - geen reden meer is de belastingen laag te houden. De voorgenomen uniformiteit in financiële transacties was wat de Britten erbuiten hield.
Hierop vroeg hij zich af hoe gunstig het onder deze omstandigheden voor een land is om lid te zijn van een groepering als de EU.
If you're a fiscally prudent nation (...) you would not want to be a member. If on the other hand you have a lot of debt and you are - you know - extravagant, you might want to be a member, because you could pass the cost of your debt on to Germany and other fiscally more responsible nations. That is exactly the kind of moral hazard that Europe is trying to avoid.
Het lijkt mij echt het moment om als Nederland meer afstand te nemen tot dit project van de euro-elite. Maar dit blijft natuurlijk maar een dagdroom van uw blogger.  Nog voor Merkel is uitgesproken springt ons kabinet al in de houding en handigt weer een flinke brok soevereiniteit in. Wat dat betreft blijkt een CDA/VVD/PVV kabinet niet anders te werken dan een CDA/PvdA/CU kabinet.

Weinig mensen hebben door dat dit afglijden naar een steeds meer gecentraliseerde staat samenhangt met het economisch interventionisme van de staten, of meer precies, met de weigering van de staten om terug te keren naar laissez-faire. De verschillende interventies in de economie begunstigen sommige groepen in de samenleving en benadelen andere, maar bij de benadeelde groepen zitten vaak buitenlandse handelaren of ondernemers. Wie import ontmoedigt door bijvoorbeeld tolmuren en export aanmoedigt benadeelt in een en dezelfde maatregel die bedrijven in het buitenland die naar het eigen land exporteren én de eigen consumenten, die hogere prijzen betalen. Alle "stimulering" van takken van bedrijvigheid wordt in het buitenland gevoeld als een soort strafmaatregel die niet zelden soortgelijke maatregelen van de kant van de getroffen landen uitlokken. Alleen in een toestand van laissez-faire is er geen reden voor de buurlanden om elkaar te wantrouwen. De markt maakt dan uit waar wat geproduceerd wordt en voor welke prijs en niet de regering. Alleen dan hebben alle consumenten in alle landen de beste prijs voor de beste waar. Alleen de markt is waarlijk grenzeloos. 
Ludwig von Mises zei: In de staten van het Westen gingen op het laatst van de 19de eeuw socialistische en interventionistische economische theorieën de boventoon voeren.  De 20ste eeuw werd een eeuw van crisis en oorlog omdat men het liberalisme de rug had toegekeerd.
De juistheid van het inzicht van deze vérziende denker zien wij vandaag weer precies bevestigd in de plannen voor een nieuw EUverdrag.